sinds 2017 op Bol.com
lezers ontvangen de nieuwsbrief
lazen haar boeken

‘Dat klopt,’ zegt Philein wantrouwend. ‘Híj heeft Idise vannacht meegenomen. Ik weet het zeker.’
Zittend op de bank in het kleine strandhuisje ziet ze hoe de agenten elkaar opnieuw een blik toewerpen. Hoe kan ze hen overtuigen als Harold hun beeld al heeft gekleurd?
‘Dank u, mevrouw. We moeten dit even verder afstemmen. Blijft u hier zitten en raak alstublieft niets aan,’ zegt de mannelijke agent, terwijl hij opstaat.
Voordat ze kan antwoorden, lopen ze naar buiten en trekken de deur achter zich dicht.
De stilte sluipt het huisje in als een roofdier dat zich vastbijt in zijn prooi nog voor het toeslaat. Waakzaam kijkt Philein om zich heen. Ze voelt hoe de wanorde om haar heen zich tegen haar keert. Alsof de openstaande lades, het verspreide speelgoed, de stapels vaat en de halflege fles wodka haar beschuldigen en veroordelen.
Ze knijpt haar handen om het hengsel van haar tas op haar schoot en focust zich op de stemmen buiten. Waar praten de agenten over? Wat weten ze? De wind verspreidt hun gedempte stemmen en strooit de woorden rond als losse klanken waar Philein geen wijs uit kan worden. Geloven ze haar? Ze moeten zo snel mogelijk naar Harold toe. Daar moeten ze Idise als eerste zoeken. Hoe meer ze erover nadenkt, hoe meer ze ervan overtuigd is dat Idise niet alleen naar buiten is gegaan. Maar waarom? Waarom doet Harold dit? Hij weet dat Idise haar hele wereld is. Is dit zijn wraak? Haar laten stikken in angst, haar langzaam breken door haar kind uit haar armen te rukken en onbereikbaar te maken? Is dit zijn manier om haar terug te pakken? Waarom brengt hij zijn naam en carrière zo roekeloos in gevaar? Hij moet vannacht al hebben geweten dat ze de hulpdiensten zou inschakelen als ze Idise niet in het huisje zou vinden. Dat agenten haar verhaal zouden noteren en dat zíjn naam zou vallen. Harold weet als geen ander hoe dit werkt. Hij kent de protocollen, de gevolgen. Waarom? Als hij Idise écht bij zich heeft, dan moet hij toch voorbereid zijn geweest? Tenzij… Haar hart slaat een slag over. Tenzij juist dit het spel is. Philein laten verdwalen in paniek, terwijl hij haar in de val lokt en de touwtjes strak in handen houdt.
De deur van het strandhuis vliegt open. Met ondoorgrondelijke gezichten waar Philein niets uit kan opmaken, stappen de agenten naar binnen.
‘Mevrouw,’ begint de vrouwelijke agent, ‘we hebben de vermissing bevestigd. Er worden extra eenheden ingezet om mee te zoeken.’
Een golf van opluchting trekt door haar heen. Voor het eerst durft ze diep adem te halen. Ze gaan haar helpen. Ze geloven haar.
‘Collega’s zullen het strand en de duinen systematisch doorzoeken,’ gaat de agent verder.
‘En bij Harold?’ onderbreekt Philein.
‘We zullen ons in eerste instantie richten op dit gebied, mevrouw.’
De opluchting slaat om in frustratie. Horen ze haar niet?
‘Ze is bij hem. Hij heeft haar. Jullie verspillen je tijd.’ Hoe vaak moet ze het nog zeggen?
De mannelijke agent draait zich af en spreekt kort door zijn portofoon.
‘We hebben een post nodig in de buurt. Ravenzicht is dicht. Check of de eigenaar ons binnen kan laten,’ klinkt zijn stem kalm.
Philein schiet overeind van de bank en stampt hard met haar voet op de houten vloer.
‘Elke minuut telt, snappen jullie dat dan niet? Hij heeft haar!’
De vrouw knikt, maar haar stem blijft beheerst.
‘Mevrouw, dit gaat om een officiële vermissing. We hebben procedures. Op dit moment is het belangrijk dat wij hier ons werk kunnen doen. We brengen u naar een locatie in de buurt waar u rustig kunt zitten, en waar we u verder kunnen spreken.’
‘Nee. Als jullie niet gaan, dan ga ik zelf,’ zegt ze fel.
De vrouwelijke agent maakt een subtiele handbeweging naar haar collega, die direct dichterbij komt.
‘Mevrouw,’ zegt de agente, nog altijd beheerst, ‘u begrijpt dat dat niet kan. U mag het chalet niet verlaten. We moeten alles zorgvuldig vastleggen en uitsluiten. Dat betekent dat ook u beschikbaar moet blijven voor vragen.’
Phileins adem stokt.
‘Dus jullie laten me gewoon zitten terwijl Harold met haar verdwijnt?’
‘We hebben extra eenheden onderweg,’ antwoordt de vrouw. ‘U wordt gehoord, uw zorgen worden genoteerd. Maar u blijft hier onder onze verantwoordelijkheid. Dat is voor het onderzoek, en voor uw eigen veiligheid.’
‘Mijn veiligheid?’ Philein lacht schamper, maar het klinkt meer als een snik. Haar ogen schieten heen en weer tussen de twee agenten. Haar keel brandt van de ingeslikte woorden. Ze voelt hoe ze geen kant meer op kan. Hoe harder ze schreeuwt, hoe meer ze in de rol van hysterische moeder wordt geduwd.
‘Bevestigd,’ spreekt de mannelijke agent tegen zijn portofoon voor zijn mond.
‘We brengen de melder naar paviljoen Ravenzicht.’
Starend uit het raam zit Philein diep weggezakt in de hoek van een brede chesterfieldbank bij het aarzelend vuur van de net aangestoken haard in Ravenszicht. Haar vingers klemmen zich stevig om het warme karton van haar beker koffie. Door de grote ramen van het strandpaviljoen ziet ze hoe het strand langzaam volloopt met agenten. De dagjesmensen worden verzocht het strand te verlaten. Vierwielaangedreven politievoertuigen brullen over het natte zand en laten diepe sporen achter. Mannen van de reddingsbrigade slepen een rubberboot naar de branding. Boven het strand cirkelt een helikopter.
‘Mevrouw Van Asten?’ zegt plots een stem naast Philein.
Ze draait haar hoofd. Naast de bank staat een vrouw in een beige regenjas. Haar haren zitten in een strakke knot naar achteren.
‘Ik ben rechercheur Silva.’
Ze herkent de naam meteen. Harold had de naam al vaker laten vallen.
‘Mag ik even bij u komen zitten?’
Ze wacht Phileins antwoord niet af, maar laat zich in de andere hoek van de bank zakken.
‘Ik begrijp dat dit een heel zware ochtend voor u is,’ begint rechercheur Silva zacht. ‘Daarom wil ik rustig met u de afgelopen vierentwintig uur doornemen, zodat ik goed kan begrijpen wat er is gebeurd.’
Philein knikt, maar ondanks de paar slokken koffie voelt haar keel zo droog dat ze geen woord kan uitbrengen. Dit is tijdverlies. Hier zitten, antwoorden geven aan iemand die Harold waarschijnlijk allang heeft ingepakt met zijn verhalen. Zij kan praten tot ze schor is, maar het brengt Idise geen seconde dichterbij.
‘Tegen mijn collega’s vertelde u dat u gisteren een duinwandeling aan het maken was. Klopt dat?’
Philein knikt opnieuw.
‘Hoe laat was dat ongeveer?’
‘Ergens in de middag,’ fluistert ze.
‘Met wie was u daar?’
‘Alleen met Idise.’
‘Bent u iemand tegengekomen?’
‘Nee.’
‘Kunt u aanwijzen in welk gebied u was.’ Rechercheur Silva vouwt een kaart uit van het duingebied, terwijl de deur van het strandpaviljoen opengaat. Een ruk koude lucht blaast naar binnen en Philein kijkt op. In de deuropening staat Harold met een verwilderde blik. Scherp en rusteloos zoekt hij om zich heen tot hij haar in zijn vizier krijgt.
Ze verstijft als zijn ogen zich in de hare boren.
‘Philein,’ zegt hij gejaagd, met die ondertoon die tegelijk bevel en verwijt in zich draagt. ‘Wat heb jij gedaan?’
Het leuke van een BlogThriller is dat je niet in je eentje leest, maar samen met een hele groep andere lezers. Iedereen ontvangt op dezelfde dag hetzelfde hoofdstuk en in onze besloten Facebookgroep praten we erover verder.
👉 Hoe vond jij dit hoofdstuk?
👉 Welke verdenkingen heb je?
👉 Of welke vragen spoken er door je hoofd?
Het is zo gezellig om te lezen hoe iedereen het verhaal beleeft. Soms zie je dingen die een ander helemaal gemist heeft, of denk je opeens: hé, daar zou wel eens iets achter kunnen zitten!
Ik zou het heel leuk vinden als je erbij komt en je gedachten deelt. Samen lezen maakt het verhaal nog spannender én gezelliger.