Top 10

sinds 2017 op Bol.com

91.000+

lezers ontvangen de nieuwsbrief

120.000+

lazen haar boeken

Hoofdstuk 13

Hemel

‘Mooi,’ zegt Marijn verrast. Zijn handen glijden langs haar zij om Philein heen en komen tot rust op de ronding van haar buik. Zijn vingers drukken licht door de stof van haar trui en ze voelt hoe de baby ertegenaan schopt. 

Ze heft haar telefoon en richt de camera op het hemeltje dat ze net heeft bevestigd. De dunne stof plooit sierlijk om de houten boog van de wieg. Op de achtergrond vangt het scherm het behang, waar kleine girafjes met lange, gestileerde halzen in een speels patroon overheen wandelen. Aan de rand van het kader verschijnt de armleuning van de witgeschilderde schommelstoel. De kussens in de stoel zijn bekleed met dezelfde stof als het hemeltje. Tegen de muur boven het wiegje hangt een nachtlampje in de vorm van een maan, dat een zachtroze gloed door de kamer verspreidt.

‘Ik kan mij nog steeds niet voorstellen dat hier straks een kindje ligt,’ zegt ze en ze tikt met haar duim op het scherm om een foto te maken. Ze bekijkt het resultaat en leunt naar achteren tot haar rug rust tegen Marijns borst. Hij legt zijn kin tegen haar schouder. Ze zou willen dat ze zich volledig kon overgeven aan de vanzelfsprekendheid van zijn aanwezigheid, maar sinds haar ontmoeting met Harold op de markt enkele weken geleden, voelt ze een ander ritme in zichzelf. Een onrust, een heimelijk verlangen dat haar overspoelt zodra ze even alleen is. Hoe zijn blik zich vastzette in haar huid. Hoe haar lichaam reageerde toen zijn hand vluchtig de hare raakte. 

Marijn drukt een kus in haar nek.

‘Ik ga zo naar de sportschool. Daarna pak ik nog een drankje met Freek. Wacht maar niet op mij, oké?’

Ze voelt hoe hij zijn handen langzaam losmaakt van haar buik. Zijn gewicht verdwijnt van haar schouder en zijn warmte trekt weg.

Ze draait zich half om.

‘Doe rustig aan,’ zegt ze. 

‘Dat doe ik,’ antwoordt hij, terwijl hij zich omdraait naar de deuropening. Zijn voetstappen worden zachter als hij via de overloop de trap neemt naar beneden. 

Philein draait zich terug naar de commode. Ze legt haar telefoon op het aankleedkussen, schuift de onderste lade open en pakt de stapel hydrofieldoeken die ze vanmiddag heeft gekocht. Ze bukt en legt de stapel in de la. Toch glijdt haar blik steeds terug naar het toestel op de commode. De afgelopen weken heeft ze het geen moment ver bij zich vandaan kunnen houden. 

Ze pakt haar telefoon en opent haar berichtenconversatie met Harold. Aarzelend blijft haar duim rusten boven het glas.

Waar is ze mee bezig? Ze zou haar telefoon weg moeten leggen, haar aandacht terugbrengen naar hier, naar de baby, het wiegje, naar de toekomst die ze samen met Marijn aan het opbouwen is. Maar het is een toekomst die beklemmend voelt, alsof haar leven al vastligt. Harold brengt spanning. Hij prikkelt haar, daagt haar uit, raakt iets in haar dat Marijn niet eens lijkt te zien. En dan is er nog de band die ze niet kan ontkennen. Harold is de vader van dit kind. 

Ze voelt het bonzen van haar hart, dieper, lager als een drum dat haar lijf herinnert aan wat haar verstand wil verloochenen. Ze bijt zacht op de binnenkant van haar wang, maar de drang om hem dichtbij te hebben wint terrein.
Voor ze het beseft, glijden haar vingers over het scherm.

‘Zou je het leuk vinden om even langs te komen?’



Ze staart naar het scherm. Ze kan het nog wissen. Ze hoeft het niet te verzenden. Eén beweging en het is weg. Maar de woorden blijven staan.

‘Doei!’ roept Marijn van beneden en ze hoort de voordeur dichtslaan.

Haar hartslag jaagt, haar huid tintelt alsof ze zojuist betrapt is en tegen beter weten in drukt ze op verzenden. Snel schuift ze de lade van de commode dicht en gaat zitten op de schommelstoel met de telefoon in haar hand geklemd, steunend op haar bolle buik. 

De stilte die volgt is zwaar en geladen. Met één zin heeft ze een grens overschreden waarvan ze niet weet of ze ooit nog terug kan. 
Binnen een paar seconden trilt haar telefoon in haar hand en licht het scherm op.

'Ik ben blij dat je dat vraagt. Ik was toevallig al in de buurt. Tot zo, Phi.'

Philein slikt. Zonder pardon heeft ze in haar binnenste iets opengezet, een plek waarvan ze niet eerder wist dat die bestond, en waar hij nu zonder aarzeling naar binnen kan stappen. Maar tegelijk voelt ze de angst dat wat hij daar aantreft, haar hele zorgvuldig opgebouwde leven kan ontwrichten.

‘Hoi,’ zegt Harold als Philein nog geen vijftien minuten later de deur voor hem opendoet.
De avond hangt al in de lucht. Het vroege aprillicht dooft langzaam uit aan de horizon. 

Philein knikt. Ze voelt hoe haar vingers zich in de rand van de deur klemmen. Haar hele lichaam voelt gespannen. Ze wil zeggen dat dit geen goed idee is, dat ze zich heeft vergist. Maar de woorden komen niet. In plaats daarvan wijkt ze een halve stap opzij.

‘Kom binnen,’ fluistert ze.

‘Is je vriend thuis?’ vraagt hij, terwijl hij de gang in kijkt.

‘Nee, Marijn is er niet.’ 

Hij stapt de drempel over. Zijn geur, een mengsel van hout, kruidige aftershave en iets onmiskenbaar eigens, glijdt met hem mee de gang in. 

Met zijn jas aan blijft hij staan in de hal. Onafgebroken blijven zijn ogen op haar gericht en het voelt alsof hij haar gedachten al kent voordat ze zelf woorden heeft.

Philein sluit de deur en leunt met haar rug tegen het koele hout. Een stevig contrast met de hitte die door haar lijf jaagt.

Harold zet een stap in haar richting en met nog geen meter tussen hen in blijft hij vlak voor haar staan. Zijn ogen glijden over haar gezicht, traag en onderzoekend, terwijl hij elk detail in zich opneemt. Zijn blik strijkt over haar huid als hij zakt naar haar buik.

‘Je ziet er goed uit,’ zegt hij. 

Ze schudt haar hoofd. Nerveus glijden haar handen langs haar jurk. 

‘Ik ben moe,’ mompelt ze. De toon klinkt meer als een verdediging dan een antwoord.

Zijn mondhoeken trekken iets op, een glimlach die tegelijk geruststellend en ongenaakbaar is.
‘Dat mag. Je bent zwanger,’ zegt hij met een vanzelfsprekendheid die voelt alsof hij recht van spreken heeft. 

Philein spant elk spiertje in haar lijf aan. De ruimte om haar heen wordt nauwer en de muren lijken dichterbij te komen. Hyperalert vangt ze iedere beweging van hem op. De lichte schouderophaling, het trillen van zijn neusvleugel, de manier waarop zijn adem een fractie zwaarder klinkt.

‘Mag ik?’ vraagt hij bijna terloops. Zijn hand maakt een korte, vluchtige beweging richting haar buik.

Ze verstijft. Niemand behalve Marijn heeft haar buik aangeraakt. Het is iets van hen samen, een intiem terrein dat beschermd moest blijven. Maar Harolds blik houdt de hare vast, onvermurwbaar en het voelt ineens vanzelfsprekend dat hij dit mag vragen. Voor ze het beseft, knikt ze.

Langzaam buigt hij naar haar toe. Zijn hand schuift naar voren en met zijn vingertoppen raakt hij haar buik aan. Een elektrische lading schiet door haar heen, tot in iedere zenuwuiteinde.

Zijn hand blijft rusten, niet zwaar, maar stevig genoeg om zijn aanwezigheid onmiskenbaar te maken en zijn ogen laten haar niet los.

Haar keel voelt droog, te strak om woorden door te laten. Onder de spanning welt er een vreemde warmte op, laag in haar buik, een tinteling die ze niet kan verklaren en die ze tegelijk wanhopig wil negeren.

Deel je gedachtes

met de groep

Het leuke van een BlogThriller is dat je niet in je eentje leest, maar samen met een hele groep andere lezers. Iedereen ontvangt op dezelfde dag hetzelfde hoofdstuk en in onze besloten Facebookgroep praten we erover verder.

👉 Hoe vond jij dit hoofdstuk?
👉 Welke verdenkingen heb je?
👉 Of welke vragen spoken er door je hoofd?

Het is zo gezellig om te lezen hoe iedereen het verhaal beleeft. Soms zie je dingen die een ander helemaal gemist heeft, of denk je opeens: hé, daar zou wel eens iets achter kunnen zitten!

Ik zou het heel leuk vinden als je erbij komt en je gedachten deelt. Samen lezen maakt het verhaal nog spannender én gezelliger.