Hoofdstuk 7: 9.34 uur

Danielle rijdt haar auto in een parkeerhaven bij de hoge flat van Tanja. Ze legt haar hoofd in haar nek als ze is uitgestapt en kijkt naar de galerij van de zevende verdieping waar ze Tanja’s voordeur ziet. Zal ze zich buitengesloten voelen, vraagt Danielle zich af. Al die maanden heeft ze geen woord over James met Tanja gerept. Het schuldgevoel dat ze haar beste vriendin niet heeft betrokken bij haar avontuur knaagt aan haar. Ze gaat naar de ingang waar ze op de bel drukt naast Tanja’s brievenbus. Ze wacht, maar er gebeurt niets. Ongeduldig legt ze haar vinger nogmaals op de bel. Ze houdt hem langer vast en eindigt met drie korte signalen.
‘Daan?’ klinkt het krakerig door de speaker. ‘Wat doe jij hier?’
‘Ik moet met je praten. Kan ik boven komen?’ Bij de deur klinkt een zoemend geluid. Jachtig duwt ze de deur open die Tanja voor haar heeft ontgrendeld. Haar besluit had vastgestaan, denkt Danielle, terwijl ze de lift voorbijloopt en de trap neemt naar de zevende verdieping. Haar ongeduld kan de trage lift nu niet verdragen. Ze had zich echt voorgenomen om James gedag te zeggen en de hotelkamer uit te lopen, bedenkt ze zich, terwijl ze met een hoog tempo de trap opgaat. Maar met de woorden van excuus op haar lippen, verraste de zachtheid in zijn ogen haar. In tegenstelling tot hun dierlijke kus een half uur eerder in de stromende regen, trok James haar langzaam naar zich toe. Teder kuste hij in haar hals en snoof diep in. Haar voornemen vervaagde en ze sloot haar ogen. James vinger raakte haar lippen. Langzaam gleed hij naar beneden, naar haar kin, haar hals, haar decolleté. Ze kreunde ingehouden.
‘Wat zei je?’ fluisterde James in haar oor, terwijl zijn vinger haar tepel naderde.
‘Niets,’ zei ze en ze vouwde haar armen om zijn nek. ‘Ik zei niets.’ Ze wilde geen keuze meer maken. Ze stopte met denken en werd meegevoerd op de deining, waar zintuigen domineren en het ruisen van de golven iedere gedachte onhoorbaar maakt. Haar lichaam nam het van haar over, alsof een onbekend deel diep in haar verstopt de controle over haar bewegingen kreeg. Met iedere vezel van haar lijf voelde ze hoe ze één werd met James.
Bezweet nestelde Danielle zich tegen James aan en langzaam kwam haar ademhaling tot rust. Hoe lang was het geleden geweest dat ze dit had ervaren? De laatste keer met Willem kon ze zich niet meer herinneren en ze was zeker niet zo in vervoering geweest als nu met James. Ze zou hier willen blijven, bedacht ze zich, in zijn armen en zonder schuldgevoel zou het volmaakt zijn geweest.
‘Wat nu? Ik ben getrouwd,’ fluisterde Danielle tegen zichzelf. James bewoog zijn hoofd haar kant op en drukte een kus op haar voorhoofd.
‘Je bent niet gelukkig met hem, Daan.’ Hij legde zijn hand op haar wang om haar ogen te kunnen vangen.
‘Al een hele tijd niet meer,’ zei ze zuchtend. ‘En jij?’
‘Met Sonja? Nee, niet meer, maar ik ben bang dat ze instort als ik onze relatie verbreek.’ Hij streek langzaam door haar haar en glimlachte. Haar onderbuik implodeerde van verliefdheid. De gedachte dat er een einde zou komen aan hun samenzijn, was ondraaglijk.
‘Ik wil je blijven zien, James.’
‘Ik jou ook.’
‘Maar ik kan mijn gezin niet in de steek laten. Niemand mag het weten. Dat is mijn voorwaarde. We moeten heel voorzichtig zijn.’
‘Je hebt mijn woord.’ Hij boog zich naar haar toe. Zijn lippen raakten zacht de hare en zijn hand schoof richting haar zij. Kietelend greep hij haar in haar flank. Ze dook in elkaar van de lach en opnieuw trok hij haar mee onder in de zee van extase.

Twee uur later zette James haar thuis af. Opgelucht constateerde Danielle dat het huis nog net zo leeg was als bij haar vertrek. Alles was onveranderd, behalve zijzelf. Ze gloeide vanbinnen. Warm van hartstocht klopte haar bloed door haar aderen. Ze leefde weer en vanaf dat moment zagen ze elkaar meerdere malen per week. Geen enkele gelegenheid lieten ze onbenut. De hotelkamer werd hun toevluchtsoord. Via de donkere gang verborgen ze zich keer op keer in de kamer zonder uitzicht, waar ze elkaar ongestoord konden beminnen.
Tot de dag waarop Danielle de sleutel in de voordeur stak en zwaaide naar de auto van James die wegreed uit haar straat. Ze haalde haar telefoon uit haar handtas, zette het geluid weer aan en zag dat ze elf oproepen had gemist. Haar hart sloeg een slag over. Ze legde haar vinger op de sensor en de telefoon ontgrendelde zich. Drie gemiste oproepen van Emma’s school en acht oproepen van Willem.
‘Waar was je?’ snauwde Willem door de telefoon toen ze hem terugbelde.
‘Thuis. Wat is er met Emma?’ vroeg Danielle geschrokken.
‘Ze heeft een hersenschudding.’
‘Hoe is dat gebeurd?’
‘Met de gymnastiekles is ze op haar hoofd gevallen. Ze is even buiten bewustzijn geweest. Waarom nam je je telefoon niet op, Daan?’ Het verwijt weerklonk in zijn intonatie.
‘Hoe is het nu met haar?’
‘De school heeft je meerdere keren gebeld. Ik had een belangrijke meeting, Daan. Dat wist je.’
‘Het spijt me, Willem.’
‘Zeg dat maar tegen Emma. Ze bleef maar vragen om jou.’ Hij zuchtte. ‘We hebben het er later wel over. Emma, je moeder,’ hoorde ze Willem zeggen.
‘Mam.’ Emma’s stem klonk fragiel. Danielles schuldgevoel vertienvoudigde zich, evenals het gewicht van de steen in haar maag.
‘Em. Schatje, hoe is het met je?’
‘Misselijk, hoofdpijn. Waarom was jij er niet?’
‘Ik… Ik heb mijn telefoon niet gehoord.’
‘Het duurde zo lang voor papa kwam. Ik moest overgeven. Waar de klas bij was. Ik schaam me dood. Waarom kwam je niet, mama?’
‘Sorry Emma.’ Wat kon ze zeggen? Ze had geen antwoord.
‘Daan,’ zei Willem, die de telefoon terugnam van Emma. ‘De huisarts roept ons nu binnen. Ik bel je straks.’ De verbinding werd verbroken en wezenloos staarde Danielle voor zich uit.
In het licht van de maan dat door een kier tussen de gordijnen scheen, zat Danielle met haar telefoon in haar hand geklemd op de rand van Emma’s bed en overdacht de leugens, waarmee ze haar afwezigheid naar Willem en Emma toe had verklaard toen ze thuis waren gekomen. Was dit haar affaire met James waard? Ze moest het eindigen. Zo snel mogelijk. Niet in het hotel, waar verleiding op de loer lag. Een neutrale plaats. Danielle opende Google maps op haar telefoon, koos een plek in de oude, verlaten en deels afgebroken woonwijk vlakbij het appartementencomplex van James en appte hem.
‘Ik moet je spreken. Morgen om 11.00 uur in mijn auto voor Zwaardemakersstraat 8. Ik zie je daar. D.’
‘Ik ga boodschappen doen. Red jij het alleen?’ vroeg Danielle aan Emma de volgende ochtend na een doorwaakte nacht, waarin ze haar iedere twee uur had gewekt. Emma keek televisie vanaf de bank en humde goedkeurend. In de auto herhaalde Danielle in gedachte wat ze tegen James ging zeggen. Ze moest sterk blijven. Rationeel. Ze moest kiezen voor haar gezin. Ze ademde diep in en ze reed de oude woonwijk in. Ze negeerde het verbodsbord en ging de Zwaardemakersstraat waar ze tussen de leegstaande drielaagse appartementencomplexen haar auto tot stilstand bracht, de motor uitzette en wachtte. Verderop in de straat waren grote machines bezig met de sloop. Het kon vast geen kwaad om hier kort te staan, vergoelijkte Danielle de situatie voor zichzelf. Ze schrok op van het getik tegen haar autoruit. Het portier aan de bijrijderskant werd geopend. Danielle herstelde zich snel bij het zien van James die gehuld in een joggersoutfit de auto instapte.
‘Aan het sporten?’ grapte ze.
‘Sonja was thuis. Ik moest iets bedenken.’ Hij legde zijn hand op Danielles knie en haar huid tintelde onder de stof van haar spijkerbroek. ‘Je wilde mij spreken?’ zei hij, terwijl hij haar een knipoog gaf. ‘Je bent onverzadigbaar, Daan.’ Zijn hand schoof langzaam omhoog naar de binnenkant van haar bovenbeen. Ze merkte dat haar ademhaling verzwaarde. Wat was dit moeilijk. Haar lijf wilde James, haar hoofd wilde haar gezin. Sterk zijn, zei ze tegen zichzelf. Ze had haar beslissing genomen. James hand opende behendig de knoop van haar broek en gleed met zijn vingers langs haar schaamstreek. Met alle wilskracht die ze kon verzamelen, trok ze zijn hand uit haar broek. Verbaasd keek James haar aan. Danielle schraapte haar keel.
‘Emma heeft gisteren een ongeluk gehad, terwijl wij samen waren,’ ratelde ze. ‘School kon me niet bereiken. Willem heeft haar opgehaald. Ik heb moeten liegen, James.’ Haar zicht werd wazig door het traanvocht, maar desondanks zag ze James’ mimiek veranderen.
‘Wat erg. Hoe is het nu met haar?’
‘Dit moet stoppen,’ zei Danielle met gespeelde overtuiging.

Wil je iedere werkdag gratis een e-mailnotificatie ontvangen als het nieuwe hoofdstuk online komt? Meld je aan:

HALF EEN is de vijfde thriller die Sietske Scholten al bloggend schrijft. Haar boeken staan bekend om de meeslepende situaties en de ijzersterke plots. In november 2020 zal de thriller HALF EEN worden gepubliceerd als paperback, e-book en luisterboek.
De komende tijd zijn de eerste tien hoofdstukken van HALF EEN gratis te lezen. Vanaf hoofdstuk 11 kun je alleen meelezen als abonnee na een eenmalige betaling van €8,99. Meer informatie over het abonnement vind je hier.