Hoofdstuk 3: 7.59 uur

Danielle laat haar hand zakken als ze de emotie voelt wegebben. Ze mag haar frustraties niet op Lucas botvieren. Ze moet zichzelf vanaf nu echt in de hand houden, besluit ze en ze loopt de slaapkamer van Emma binnen. Ze haalt haar rolgordijn omhoog en trekt haar dekbed recht. Zal Emma binnen afzienbare tijd net zo worden als Lucas, vraagt ze zich af. De gehaakte sprei klopt ze uit en ze legt hem over het dekbed heen. Ze bukt om de knuffelbeer van de grond te pakken. Zal Emma zich na schooltijd ook opsluiten in haar kamer? Alleen nog naar beneden komen om te eten en als ze iets van haar of haar vader nodig heeft? Zal ze net als Lucas voornamelijk verdiept zijn in de virtuele wereld achter het scherm? De controller van zijn spelcomputer lijkt vastgeplakt te zitten aan zijn handen. Amper krijgt hij nog wat mee van het gezinsleven. Hoe erg zou Lucas het vinden als zijn vader en zij uit elkaar gaan? Zou hij nog wel bij haar willen blijven? Emma waarschijnlijk wel, maar bij Lucas betwijfelt ze het. Het zou haar niets verbazen als hij zou aangeven om permanent bij Willem te willen wonen. De angst om Lucas nog meer te verliezen als het op een echtscheiding uitdraait, beklemt haar. Is dat het waard? Of is ze Lucas toch al verloren? Ze herinnert zich zijn kleine armpjes stevig om haar nek, zodat ze niet op kon staan als ze hem naar bed had gebracht. Hij liet haar geen ruimte en ze kon hem enkel overladen met kusjes.
‘Je moet hier blijven,’ zei hij met zijn hoge kinderstemmetje, terwijl Danielle haar hoofd op zijn kleine borstkastje legde.
‘Mama gaat naar beneden, liefje. Jij gaat lekker slapen.’
‘Ik wil dat je bij mij blijft.’
‘Maar dan is papa helemaal alleen beneden.’
‘Jij blijft voor altijd bij mij,’ zei hij en hij slaakte een grote gaap. Voor een kort moment nam de omhelzing in kracht af tot Lucas het doorhad en de druk weer toenam.
‘Voor altijd?’ Ze grinnikte inwendig om zijn kleuterperspectief. ‘Als je groter bent, zal je daar anders over gaan denken. Als je een groot mens bent, wil je graag ergens anders wonen. Niet meer bij je moeder.’
‘Nee hoor, ik niet, mama. Ik blijf voor altijd bij jou wonen, want ik ga met jou trouwen en dan blijven we altijd samen,’ zei hij loom van de slaap. Met een grote glimlach overdacht ze zijn geruststellende woorden. Voor nu was zij zijn wereld, hoewel ze wist dat ze dit jongetje zou verliezen aan de man die hij zou gaan worden. Langzaam voelde ze zijn spiertjes verslappen. Zachtjes kwam ze overeind en pakte zijn wegglijdende armpjes vast om ze op het bed te leggen. Het leek zo kort terug. Terwijl het voor haar ogen gebeurde, had ze niet gezien dat hij groeide en afstand van haar nam. Het jongetje verdween en de Lucas die hij nu is, wil niets met haar te maken hebben. Hij raakt haar niet meer aan en roept ‘gedag’ vanuit plichtsbesef met een dichte deur tussen hen in. Hij zal haar niet missen, beseft ze. Al mist ze hem des te meer. Ze zet het beertje midden op Emma’s bed. Direct valt hij op zijn zij. Ze pakt hem weer op en laat hem rechtop tegen de roze muur leunen waar het bed tegenaan staat om ervoor te zorgen dat hij niet kantelt. Ze loopt Emma’s kamer uit en stapt de badkamer in. Ze borstelt haar haar en draait de dop van de mascara. De roller veegt ze langs haar wimpers om haar ogen iets meer aan te zetten. Ze ziet er bleek uit, denkt ze taxerend als ze zichzelf bekijkt in de spiegel en haalt de blusher uit haar make-uptas. Met de dikke kwast poedert ze haar wangen bescheiden rood om zichzelf wat kleur te geven. Waarom is alles zo ingewikkeld geworden? Wat als ze James nooit was tegengekomen? Had ze dan met Willem op dit punt gestaan? Of was het proces toch omkeerbaar geweest? De passie die er ooit was, moet toch nog ergens sluimerend aanwezig zijn? Misschien had ze harder gevochten? Misschien had ze er dan op aangedrongen om samen met Willem in therapie te gaan. Al ziet ze het niet voor zich hoe een buitenstaander het dichtgegroeide pad naar de liefde voor Willem zou hebben weten te snoeien. Maar het zou hun laatste kans kunnen zijn geweest. Het allerlaatste gevecht voor het behoud van haar huwelijk. Misschien was het nog niet te laat en had Willem wat strijdlust over. Als ze vanmiddag tegen James zou zeggen dat ze hem niet meer wilde zien. Haar maag trekt samen bij het idee om definitief met hem te breken. Ze had het zich al vaker voorgenomen. Het geluid van haar ringtone dendert vanaf de slaapkamer over de overloop de badkamer in en ze volgt het geluid naar haar nachtkastje waar ze Willem op het scherm ziet staan. Met tegenzin veegt ze over het glas naar rechts en brengt de telefoon naar mijn oor.
‘Met Daan.’
‘Met mij.’ Zijn intonatie verraadt het onderwerp dat hij wil aansnijden en ze zucht ingehouden.
‘Ja?’
‘Ik heb Emma beloofd vanavond eindelijk de muur in haar kamer te verven,’ zegt hij tegen haar verwachtingen in. ‘Heb jij tijd om vandaag naar de bouwmarkt te gaan om verf te halen?’
Opgelucht kijkt ze naar de rode cijfers van de digitale wekker. Het is zeven over acht. Een ritje naar de bouwmarkt zal de tijd verdrijven tussen nu en het moment dat ze James weer zal zien.
‘Is goed. Blauw was het toch?’
‘Een speciaal soort blauw. Ze zei het vanmorgen nog.’
‘Welke dan?’
‘Geen idee. Het is helemaal in volgens Emma.’
‘Ik zoek het wel uit. Ik spreek je later.’ Met haar vinger gaat ze naar het rode rondje op het scherm om het gesprek weg te drukken.
‘Wacht. Daan,’ schalt het nog net hoorbaar door het luidsprekertje. ‘Ik kan niet…’ Voor een kort moment stopt hij met praten. ‘Ik moet het weten, Daan. Zie je iemand anders?’ De vraag ontneemt haar de adem. Schichtig kijkt ze om zich heen, terwijl ze zo vlug mogelijk nadenkt over een reactie op deze vraag. Zal ze de waarheid vertellen? Willem zou razend zijn.
‘Hoe kom je daar nou bij?’ vraagt ze verontwaardigd.
‘Je bent geregeld urenlang onbereikbaar,’ zegt Willem. Ondanks dat ze hem door de telefoon niet kan zien, weet ze hoe breekbaar hij zich nu voelt. Ze moet hem overtuigen. Ze kan het hem niet vertellen. Niet op deze manier.
‘Wat denk je wel niet? Ik… heb mijn telefoon niet altijd bij de hand.’
‘En vanmiddag dan? Wat ga je doen?’
‘Ik heb je toch al gezegd dat ik met Tanja heb afgesproken,’ zegt ze geagiteerd. Beneden valt de voordeur met een klap in het deurkozijn. Danielle zet een stap dichter naar het raam en ze ziet Lucas in de voortuin zijn fiets van het slot halen. Hij slingert zijn been over het zadel en fietst gehaast weg. Zal hij iets van het telefoongesprek hebben meegekregen, vraagt ze zich bezorgd af als ze hem de straat uit ziet fietsen. Ze herpakt zich en wendt haar hoofd weg van het raam. ‘Vertrouw me, Willem. Morgen, dan praten we verder.’
‘Oké,’ zucht hij. Ze hangt het gesprek op en loopt naar beneden waar ze haar kopje koffie onder het apparaat vandaan haalt. Ze neemt een slok en met een vertrokken gezicht gooit ze het kopje koude koffie leeg in de gootsteen. Opnieuw plaatst ze hem onder het apparaat en drukt op de knop. Waarom sprak Willem dit vermoeden uit? Heeft hij iets aan haar gemerkt? Is ze onvoorzichtig geweest? Ze draait zich om. De twee schone borden stapelt ze op en plaatst ze in de kast. De twee vieze borden stopt ze in de vaatwasser. Het beleg zet ze terug in de koelkast. Het gootsteendoekje houdt ze onder de kraan, wringt het water eruit en neemt de tafel af. Haar onderbuik voelt zwaar van respijt. Nooit had ze gedacht dat zij zo’n vrouw zou worden. Ze zou haar hand in het vuur hebben durven steken bij de belofte Willem trouw te blijven. Ze spoelt het doekje uit, hangt hem te drogen over de kraan en loopt naar de bijkeuken waar ze de vochtige was uit de machine sorteert. Het waren de betoverende ogen van James geweest die met zijn blik de zegel van haar huwelijk openbrak. Willem had de deur geopend na afloop van de informatieavond op Lucas school. Hij had haar voor laten gaan de school uit en daar stond James, schuilend voor de regen, onder de overdekte ingang van de school een sigaret te roken. Met zijn kristalblauwe ogen keek hij op toen ze naar buiten stapte. Zijn nonchalance vermengd met zelfverzekerdheid viel haar op en ze lachte naar hem. Subtiel begroette hij haar met zijn wenkbrauwen. Ze werd zich bewust van iedere beweging die ze maakte. Willem stapte naar buiten en sloot de deur. Hij had niets door. Hij klapte zijn paraplu open en sloeg een arm om haar heen. Terwijl hij haar naar de parkeerplaats begeleidde, had ze vluchtig omgekeken. Door de miezerregen heen zag ze hem onder het afdak. Hij wierp zijn peuk op de grond drukte hem met zijn schoen uit. Zijn donkere haren, half voor zijn gezicht, bewogen mee, terwijl zijn voet de draaiende beweging maakte om zijn sigaret te doven. Even leek het of hij tussen de lokken door naar haar keek en snel wendde ze haar hoofd terug in de richting van de parkeerplaats met maar één prangende vraag in haar gedachte: wie is die man?

Wil je iedere werkdag gratis een e-mailnotificatie ontvangen als het nieuwe hoofdstuk online komt? Meld je aan:

HALF EEN is de vijfde thriller die Sietske Scholten al bloggend schrijft. Haar boeken staan bekend om de meeslepende situaties en de ijzersterke plots. In november 2020 zal de thriller HALF EEN worden gepubliceerd als paperback, e-book en luisterboek.
De komende tijd zijn de eerste tien hoofdstukken van HALF EEN gratis te lezen. Vanaf hoofdstuk 11 kun je alleen meelezen als abonnee na een eenmalige betaling van €8,99. Meer informatie over het abonnement vind je hier.